Het is een druk jaar voor één van de grootste talenten uit Engeland, die ondanks alle aandacht ontspannen, vriendelijk en zelfverzekerd blijven. We hebben het natuurlijk over Haken, de karakteristieke progmetalband, die dit jaar zijn tiende verjaardag viert. In de Melkweg geeft de groep uit Londen een indrukwekkende bloemlezing van hun nu al imposante loopbaan.

Zonder meer is Haken, samen met Leprous, het grootste talent in het progmetalcircuit. Als geen ander vermengt de Britse band de virtuositeit van Dream Theater met de energie van Muse en de wonderschone melancholiek van een band als Anathema. En dat doen ze ook nog eens op zeer vakkundige wijze.

Onmiskenbare talent
De afgelopen jaren heeft Haken beslist niet stilgezeten. In nog geen zeven jaar leverde de band een demo, een ep en vier volwaardige studioalbums af, allemaal van uitzonderlijk hoge kwaliteit. Dat begint in veel landen op te vallen: Haken is een graag geziene gast op grote progfestivals en staat regelmatig in het voorprogramma van proggiganten als Dream Theater en Yes.

Niet alleen het vele optreden, maar vooral het onmiskenbare muzikale talent brengt Haken in de absolute top van de progmetal. Dat onderstreept de bijna uitverkochte show in de Melkweg: de Britten overdonderen de luisteraars met verwoestende metal, stuiterende jazz en op sommige momenten zelfs met prachtige acapella.

Discobril en brullen
De onverwachte wendingen in het bijna twee uur durende spektakel zijn talrijk en vaak onnavolgbaar. 1985 begint snoeihard, maar verzandt in een groot discospektakel, waarbij frontman Ross Jennings, verscholen achter een belachelijke feestbril, onder kleurrijke discolampen gekke dansjes doet, en het andere moment zijn fans de stuipen op het lijf jaagt met bulderende screams.

The Endless Knot, nog zo’n goed voorbeeld. Vaak met de ogen dicht luistert de Melkweg ademloos naar de prachtige, sferische stukken, maar nog geen minuut later moet men onder verwoestende dubstep als een doldwaze gek gaan springen. En het allermooiste: niet alleen de zaal, maar de band zelf geniet intens. Het spelplezier spat ervan af.

Die lach niet van  zijn gezicht
Of Charlie Griffiths nu rustig soleert of een beestachtige riff uit zijn gitaar perst: die lach gaat, zoals John de Bever zou zeggen, niet van zijn gezicht. Richard Henshall (gitaar/keyboards) en Tom MacLean (basgitaar) verzorgen de backingvocals en dat doen ze met zoveel passie en bevlogenheid alsof ze zelf denken dat ze frontman zijn.

Soms is dat ook wel nodig, want hoe bloedmooi Jennings ook kan zingen, consistent is hij niet. Vooral met de hogere noten heeft hij duidelijk moeite, dan zingt hij met een wat geknepen stem. De medley van het eerste album Aquarius, dat zo’n twintig minuten beslaat, is om die reden het minste deel van de show.

Estafettestokje
Het vijftien minuten lange The Architect vormt daarentegen het zwaartepunt van de show. Hier combineert de band met speels gemak knallende progressieve metal, sfeervolle symfonische klanken, aanstekelijke melodieën en de voor hen zo kenmerkende tempowisselingen. Nog een paar van dit soort nummers, en Haken is er klaar voor om het estafettestokje van Dream Theater over te nemen als koning binnen de progressieve metal.

Zo bewijst Haken in de Melkweg eens te meer dat ze niet voor één gat te vangen zijn: de band levert een show af dat in luttele seconden van dromerige prog doorschakelt naar lekkere stadionrock en dynamische jazz. Zonder enige twijfel een van de grootste talenten in de progscene, Dream Theater kan maar beter uitkijken.