Het Ierse Therapy? bestaat dertig jaar en viert dat met compilatiealbum ‘Greatest Hits (The Abbey Road Session)’. Zoals je van deze eigenzinnige punkmetalband mag verwachten is dit geen doorsnee release. Het trio heeft er namelijk voor gekozen om hun grootste hits opnieuw op te nemen. Waarom daarvoor gekozen is, legt de sympathieke bassist annex oer-lid Michael McKeegan graag uit.

Op ‘Greatest Hits (The Abbey Road Session)’ zijn oude krakers opnieuw opgenomen. Hoe is dat idee ontstaan?
“We wilden wat nieuws doen en onze fans verrassen. Een verzamelalbum hebben we in 2000 al uitgebracht in de vorm van ‘So Much for the Ten Year Plan’, dus dat wilden we niet nog een keer klakkeloos overdoen. Een live album leek ons eventueel ook een mooie manier om onze grootste hits onder de aandacht te brengen, maar dat deden we al in 2010 met de dubbelaar ‘We’re Here to the End’. Zo is het idee ontstaan om oude nummers opnieuw op te nemen. Zo konden we onze drummer Neil Cooper ook loslaten op die oude krakers. Hij zat nog niet in de band toen ‘Troublegum’ en ‘Infernal Love’ verschenen. Dit was een uitstekende gelegenheid om hem die nummers te laten inspelen Verder hebben we de droom van producer Chris Sheldon uit laten komen om ‘Teethgrinder’ opnieuw op te nemen. Hij vond dat een tof nummer, maar beweerde altijd dat hij het naar een veel hoger niveau kon tillen. Begrijp me goed: we zetten geen artistiek statement neer met dit album. Het is gewoon onze manier van lol trappen. We wilden oudere tracks in een moderne jasje steken en onze fans wat bijzonders bieden. Dat is naar ons idee aardig gelukt met ‘Greatest Hits (The Abbey Road Session)’.”

De afgelopen jaren lijkt Therapy? productiever en creatiever dan ooit. Werken jullie nu ook aan nieuw materiaal?
“Jazeker. Momenteel zijn we wat demo’s aan het opnemen en oriënteren we ons op een nieuw album. Iedereen binnen de band zit goed in zijn vel en we hebben zin in het opnameproces. We zitten in een creatieve flow en daarvan moeten we profiteren. De balans tussen werk en privé is goed en dat resulteert in een hoge mate van productiviteit.”

Als het goed gaat met en muzikant, resulteert dat dan juist niet in een gezapige plaat?
“Nee, joh. Dat is complete onzin. Veel mensen denken dat een goede kunstenaar moet lijden voor zijn kunst. Dat het altijd moeilijk moet zijn om tot mooie dingen te komen. Daar ben ik het niet mee eens. Je kunt niet decennialang destructief gedrag aanwenden om muziek te blijven maken. Dat breekt je op den duur op. We hebben allemaal veel dingen meegemaakt op privégebied en iedereen binnen Therapy? heeft er wel eens flink doorheen gezeten. Als het leven even niet zo lekker loopt, ga je dat op je omgeving reageren. Het is zaak om ervoor te zorgen dat zulke botsingen niet te lang duren en je hoofd op orde te krijgen. Binnen elk van ons brandt een vuur. Via muziek kunnen we onszelf uiten en onze woede en frustratie omzetten in nummers. Musiceren werkt cathartisch. Er zijn een hoop dingen om kwaad om te worden. Er is zoveel onrecht op de wereld. Ons ongenoegen stoppen we in onze tracks.”

Therapy? bestaat dertig jaar. Een mijlpaal die veel bands niet halen. Wat is jullie geheim?
“Het voelt niet als dertig jaar kan ik je zeggen. Hoe we dat volgehouden hebben? Ik denk doordat we altijd eerlijk naar elkaar zijn geweest. Andy (Cairns. zanger. red) en ik hebben onze onenigheden altijd uitgesproken en hebben niets opgekropt. We hebben vrijwel alle rock & roll-clichés meegemaakt en een hoop bizarre shit gezien. Waar het uiteindelijk om draait, is om de liefde voor muziek. Die passie bindt ons en de rest is slechts bijzaak.”

Elk album dat jullie uitbrengen, verschilt vaak wezenlijk van de voorganger. Hoe komt dat zo?
“Bands als AC/DC, Ramones en Motörhead ontwikkelden een bepaald sjabloon waarbij ze zich prettig voelden. Het is bijna een soort formule te noemen, waardoor ze een zeer herkenbaar geluid hebben. Voor ons zou dat niet werken, omdat we allemaal andere ideeën hebben. Elk album benaderen we op een verschillende manier. Er zijn geen regels. Niets is onmogelijk en alles mag. Soms is dat frustrerend, omdat we drie verschillende versies van een nummer opnemen om te kijken wat het beste werkt. Onze fans weten inmiddels dat we een onvoorspelbare band zijn. Het is altijd maar de vraag welke Therapy? je krijgt: de boze, de elektronische of de melodieuze. We plannen niets van te voren.”

Wat is de belangrijkste les die je de afgelopen dertig jaar hebt geleerd?
“Zonder meer om kritiek op de band niet persoonlijk op te pakken. Het is zoals het is. Vroeger vond ik het heel lastig om te horen als men onze optredens slecht vond. Vaak hadden die klagers nog gelijk ook. Maar weet je, je kunt niet iedereen te vriend houden. Dat is onmogelijk. In het verleden raakte het mij als iemand onze muziek ruk vond, maar ik heb een dikkere huid gekregen. Aan het eind van de dag is muziek ‘gewoon’ entertainment. Een vorm van escapisme. Wij zijn geen hartchirurgen en redden geen levens. Door mezelf niet te serieus te nemen, ga ik gemakkelijker door het leven. Waar ik het meest trots op ben, is dat we na al die jaren nog steeds vrienden zijn en in een goede flow zitten. We zijn nog best goed in vorm al zeg ik het zelf. Een ander hoogtepunt uit onze carrière vind ik onze optredens in Top Of The Pops. Toen we daar voor de eerste keer stonden, was dat erg bijzonder omdat een paar van onze muzikale helden daar ook waren. Lemmy Kilmister van Motörhead liep daar los rond en dat was geweldig. Daarnaast ontdekten onze families pas hoeveel impact onze muziek had, omdat we in dat programma optraden. Iedereen keek naar Top Of The Pops en we hebben er dankzij die show veel fans bijgekregen. We hebben er uiteindelijk zeven keer opgetreden.”

Het grote succes scoorden jullie in de jaren 90 met doorbraakalbum ‘Troublegum’. De meeste bands zouden proberen om dat succes te continueren en een soort kopie daarvan maken. Jullie niet en kwamen met het afwijkende en dwarse ‘Infernal Love’ op de proppen.
“Het zit niet in ons om twee keer dezelfde plaat te maken. Dat lukt gewoon niet. ‘Troublegum’ was een gelukstreffer. Dat album hebben we ook als een experiment benaderd, omdat het erg afweek van voorganger ‘Nurse’. Dat ‘Troublegum’ een succes werd, had alles te maken met timing en de gunstige omstandigheden. Grunge was enorm populair en ons werk sloot daarbij aan. We hebben een graantje van die hype mee weten te pikken. Toen dat album verscheen, was er veel interesse in rockmuziek. Als we zakenmensen waren geweest in plaats van muzikanten hadden we er misschien voor gekozen om een soortgelijke plaat te maken. Maar zoals ik al zei, was de kans klein dat ons dat zou lukken. Daarvoor verschillen onze muzikale interesses teveel. Daarnaast denk ik eerlijk gezegd ook niet dat er ook maar iemand op een uitgewassen kopie van ‘Troublegum’ zit te wachten.”

‘Troublegum’ verscheen in 1994. Inmiddels zijn we elf platen verder. Ben je het niet beu om telkens weer over je doorbraakalbum te moeten praten?
“Nee, dat vind ik totaal niet erg. Het is nog steeds leuk om de nummers van dat album te spelen en om te zien wat dat met mensen doet. Bij sommige fans raakt die plaat nog steeds een gevoelige snaar en daar ben ik zeer dankbaar voor. Hoeveel bands kunnen dat zeggen?”